Wie heeft er zin in ’n feestje?

Driemaal hoera voor taalwetenschappers van de universiteit van Lund in Zweden. Niet zozeer voor het taalonderzoek naar de bedreigde taal het Jedek, dat uiteraard van belang is, maar omdat ze per ongeluk veel te weten zijn gekomen over het gedrag van de sprekers van die taal: een natuurvolk dat leeft in het noorden van Maleisië, niet ver van de grens met Thailand. Er worden door onderzoekers veel ontdekkingen als bijvangst gedaan, zodat daar een woord voor is bedacht: serendipity (serendipiditeit). De bijvangst is vaak belangrijker dan de vis waarop gevist wordt, die menigmaal zelfs niet eens wordt gevangen. Maar laten we zo vlak voor de kerst proberen niet in semantische discussies te belanden, want voor je het in de gaten hebt bakkeleien we over woorden als forum, boreaal en mythes. Daar gaat al genoeg kostbare energie aan verloren en geeft competitieve ijdeltuiten de aandacht waar ze om bedelen. Nog belangrijker echter is dat hun strijd om de macht enorm afleidt van waar het werkelijk om gaat: om samenwerken tussen mensen, om kennisoverdracht en om nieuwe ontdekkingen doen. In al die dingen zijn mensen van kindsbeen af erg goed. Ik stel daarom voor om het te hebben over de resultaten van de Zweedse linguïsten Joanne Yager en Niclas Burenhult. In 2018 hebben zij de resultaten gepubliceerd van hun onderzoek naar de sprekers van het Jedek: de taal van een gemeenschap van 280 jagers-verzamelaars. Die wetenschappers hebben ontdekt dat het gedrag van de Zuidoost-Aziatische Jedek-sprekers sterk overeenkomt met dat van de Bosjesmensen uit de Kalahari, de BaYaka pygmeeën uit het Congolese regenwoud en de Malagassische Mikea. (1)
Hierbij enkele citaten van de onderzoekers Joanne Yager en Niclas Burenhult.
The community in which Jedek is spoken is more gender-equal than Western societies, there is almost no interpersonal violence, they consciously encourage their children not to compete, and there are no laws or courts. There are no professions either, rather everyone has the skills that are required in a hunter-gatherer community. This way of life is reflected in the language. There are no indigenous words for occupations or for courts of law, and no indigenous verbs to denote ownership such as borrow, steal, buy or sell, but there is a rich vocabulary of words to describe exchanging and sharing.’

"There are so many ways to be human, but all too often our own modern and mainly urban societies are used as the yardstick for what is universally human. We have so much to learn, not least about ourselves, from the largely undocumented and endangered linguistic and cultural riches that are out there", states Niclas Burenhult.’ (2)
Bravo. Klare taal hoor Joanne en Niclas. Samenwerken zonder te concurreren. Dat kunnen we, tenminste wanneer we het willen. Bovendien hebben jullie mooi bewijs geleverd van het belang van samenwerken in onze huidige ingewikkelde wereld, waarin ieder individu maar over een mespuntje van alle kennis beschikt.

Verwijzingen.
(1) Zie voor de Mikea mijn boek ‘Zotte opvliegers - Het waanzinnige leven op Madagaskar’, 2017, uitgeverij Boekscout, ISBN 978-94-0223-981-2. Voor de Bosjesmensen en de Bayaka zie diverse voorgaande blogs.
(2) Zie de publicatie ‘Unknown language discovered in Southeast Asia’ van 6 februari 2018 van Lund University. Dit is de link: https://www.eurekalert.org/pub_releases/2018-02/lu-lul020618.php


Twitter Facebook LinkedIn Volgen



De geur van het leven en de stank van de dood

Neppen is ingeburgerd

Slecht geslapen

Code rood: de paashaas komt

Het leuke in de mens